Kennismodel FORA

Het kennismodel van de FORA laat zien welke soorten elementen in de FORA worden gebruikt en hoe die met elkaar samenhangen. Denk aan bedrijfsdomeinen, bedrijfsfuncties, processen, informatieobjecten, rollen en actoren, en referentiecomponenten.

De verschillende views in de FORA laten steeds een selectie van deze elementen en relaties zien, afhankelijk van het onderwerp of perspectief. Het kennismodel helpt dus om te begrijpen hoe de FORA is opgebouwd en welke soorten bouwstenen daarin worden gebruikt.

Een inhoudelijk gebied dat gebruikt wordt om de inhoud van de FORA (d.w.z. de architectuurelementen) te groeperen. (Grouping) Bedrijfsdomein Een functionele afbakening van een modulair, zelfstandig inzetbaar en vervangbaar (deel van een) systeem, waarbij de functionele afbakening wordt bepaald door een bundeling van functionaliteiten (applicatiefuncties) die door de referentiecomponent worden gerealiseerd. (ApplicationComponent) Referentiecomponent Een zelfstandige eenheid van informatie die betekenis heeft en daardoor bruikbaar c.q. van belang is binnen een bepaalde context. (BusinessObject) Informatieobject Een reeks stappen om een doel te bereiken. (BusinessProcess) Proces op het hoogste niveau dat invulling geeft aan een bedrijfsfunctie. (BusinessProcess) Bedrijfsproces Proces dat invulling geeft aan een bedrijfsproces. (BusinessProcess) Werkproces Een stap (een activiteit) die invulling geeft aan een werkproces. (BusinessProcess) Processtap Proces op het hoogste niveau dat invulling geeft aan een bedrijfsfunctie. (BusinessProcess) Hoofdproces Een specifieke gebeurtenis in de bedrijfsomgeving die relevant is voor processen. (BusinessEvent) Bedrijfsgebeurtenis Een verzameling van gegevenselementen die bij elkaar worden gehouden en als een enkel geheel worden behandeld. (DataObject) Gegevensset Een enkelvoudig stukje informatie of een specifiek gegeven. (DataObject) Gegevenselement Een taak / verantwoordelijkheid op het hoogste niveau die een onderwijsinstelling doet / moet doen om zijn doelen te bereiken. (BusinessFunction) Hoofdbedrijfsfunctie Geautomatiseerd functionaliteit die naar afnemers van die service wordt ontsloten. (ApplicationService) Applicatieservice Geheel van autorisaties voor de uitvoering van een bepaalde functie. (BusinessRole) Rol Een natuurlijk persoon of een organisatie die een bepaalde rol heeft. (BusinessActor) Actor Een wettelijke verplichting, die de richting en besluitvorming van de organisatie beïnvloedt en de noodzaak tot veranderingen in de architectuur van de organisatie aangeeft. (Driver) Wet- en regelgeving AccessRelationship RW RealizationRelationship AggregationRelationship ServingRelationship SpecializationRelationship AssociationRelationship AggregationRelationship InfluenceRelationship AccessRelationship RW InfluenceRelationship TriggeringRelationship AggregationRelationship FlowRelationship TriggeringRelationship AggregationRelationship AggregationRelationship AggregationRelationship TriggeringRelationship AssociationRelationship AggregationRelationship AccessRelationship RW AccessRelationship RW ServingRelationship FlowRelationship FlowRelationship AssignmentRelationship R/A/C/S/I FlowRelationship AssignmentRelationship FlowRelationship AggregationRelationship AggregationRelationship Deze svg is op 04-05-2026 07:53:59 CEST gegenereerd door ArchiMedes™ © 2016-2026 ArchiXL. ArchiMedes 04-05-2026 07:53:59 CEST




   

   
   

   
   
   
   

   
   
   
   

   
   
   
   

   
   

   
   

   
   
   
   
View op ware grootte

Bedrijfsdomeinen

De FORA is opgedeeld in bedrijfsdomeinen. Dit zijn inhoudelijke gebieden die worden gebruikt om de rest van de inhoud van de FORA te ordenen.

Bevoegd gezagSchoolleidingOnderwijsOnderwijsondersteuningLeerlingbegeleiding en -zorgBedrijfsvoeringAlgemeen

Binnen het bedrijfsdomein Onderwijs vallen bijvoorbeeld alle taken, verantwoordelijkheden, systemen en gegevens die direct raken aan het verzorgen van onderwijs. Andere voorbeelden van bedrijfsdomeinen in de FORA zijn Schoolleiding, Bedrijfsvoering en Leerlingbegeleiding en -zorg.

Bedrijfsfuncties

Een bedrijfsfunctie representeert een clustering van verantwoordelijkheden en taken die soortgelijke kennis, vaardigheden, competenties en/of middelen vragen. Een bedrijfsfunctie geeft aan wat een organisatie doet, onafhankelijk van hoe dat wordt uitgevoerd. Dat laatste wordt beschreven in processen.

De FORA onderscheidt alleen bedrijfsfuncties op het hoogste niveau: hoofdbedrijfsfuncties (zie Hoofdbedrijfsfunctiemodel). Daarbinnen vallen hoofdprocessen die concretere taken representeren (zie Hoofdprocesmodel). Een voorbeeld van een hoofdbedrijfsfunctie in de FORA is Onderwijsuitvoering, met daarbinnen bijvoorbeeld het hoofdproces Toetsen.

Processen

Een proces representeert gedrag. Een proces geeft inzicht in de totstandkoming van een resultaat of deelresultaat, dus in hoe een organisatie dat doet. Processen zijn daarmee een invulling van bedrijfsfuncties.

De FORA onderscheidt hoofdprocessen op het hoogste niveau (zie Hoofdprocesmodel), met daarbinnen meer gedetailleerde bedrijfsprocessen en werkprocessen en, indien nodig, processtappen die concretere activiteiten representeren (zie Introductie procesmodellen). Het laagste niveau is de werkinstructie, maar die is organisatie-specifiek en wordt niet in de FORA beschreven.

Een voorbeeld van een bedrijfsproces in de FORA is Registreren verzuim (zie Procesmodellen Verzuimcoördinatie), met daarbinnen bijvoorbeeld het werkproces Classificeren afwezigheid.

Informatieobjecten

Een informatieobject representeert een op zichzelf staand geheel van gegevens dat als eenheid wordt gebruikt binnen een bepaald bedrijfsdomein. Een informatieobject kan enkelvoudig zijn of samengesteld uit andere informatieobjecten.

Informatieobjecten worden gebruikt en/of geproduceerd door processen. Ze kunnen ook worden uitgewisseld tussen een onderwijsinstelling en andere partijen.

Informatieobjecten zijn in onderlinge samenhang gebracht in diverse informatiemodellen. Zie Informatiemodellen en informatieobjecten.

Voorbeelden van informatieobjecten in de FORA zijn Schoolplan (in Informatiemodellen voor Strategie en beleid (bevoegd gezag) en Beleid en planning (schoolniveau)) en Toets (in het informatiemodel voor Onderwijsuitvoering).

Rollen en actoren

Als onderwijsorganisatie heb je te maken met allerlei partijen waarmee je bijvoorbeeld informatie uitwisselt (zie Informatiestromen). In de FORA zijn die partijen opgenomen als rollen of actoren.

Actoren zijn concrete partijen, zoals bijvoorbeeld DUO, waar alle onderwijsorganisaties mee te maken hebben.

In veel gevallen hebben onderwijsorganisaties niet met dezelfde actor te maken, maar wel met partijen die voor verschillende organisaties dezelfde rol vervullen. Denk bijvoorbeeld aan scholen die elk een eigen keuze maken in de te gebruiken toetsleverancier(s). In dat geval is in de FORA de rol van toetsleverancier benoemd, zonder dat alle concrete partijen die als toetsleverancier kunnen optreden zijn opgenomen.

Referentiecomponenten en applicatieservices

Een onderwijsorganisatie gebruikt verschillende soorten systemen waarvoor concrete softwarepakketten of -diensten worden ingezet. Zo’n soort systeem wordt, net als in veel andere referentiearchitecturen, in de FORA een referentiecomponent genoemd (zie Referentiecomponentenmodel).

Een referentiecomponent is een functionele afbakening van een modulair, zelfstandig inzetbaar en vervangbaar systeem, of een vervangbaar deel daarvan. Die functionele afbakening wordt bepaald door een bundeling van functionaliteiten, ook wel applicatieservices genoemd, die door de referentiecomponent worden gerealiseerd (zie Referentiecomponenten en applicatieservices).

Denk bijvoorbeeld aan een Leerlingadministratiesysteem, een Toetssysteem of een Personeelsysteem, waarvan de functionaliteit wordt ingevuld door concrete softwarepakketten.

Eén softwarepakket kan daarbij de functionaliteiten van meerdere referentiecomponenten invullen. De softwarepakketten zelf zijn geen onderdeel van de FORA.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 24 apr 2026 om 17:10.